Prachtig pleidooi voor het individualisme

Het radicale gedachtegoed van Amerikaanse schrijfster Ayn Rand (1905-1982) staat voor het eerst in de Nederlandse theaters. In The Fountainhead test Ivo van Hove de houdbaarheidsdatum van collectivisme. Juist nu, in tijden waar mensen meer op zoek zijn naar naastenliefde en het individualisme een vijand lijkt te worden, legt Rand haarfijn uit hoe logisch het is om alleen je eigen geluk na te streven.

Bevriende architecten Howard Roark en Peter Keating zijn beiden ambitieus. De laatste verlangt naar roem en geld, terwijl Roark zijn naam liever achterwege laat. Hij weigert toe te geven aan de collectieve esthetiek en kiest daarom liever voor een onderbetaalde functie waar hij wel ongestoord zijn eigen gang kan gaan. Zo gebruikt hij Keating om aan zijn scheppingsdrift te beantwoorden, zonder de bureaucratische commissies onder ogen te zien. Keating speelt maar wat graag mee, zolang hij met de eer mag strijken. Op zijn beurt gebruikt hij weer het talent van Roark om naam te maken.

Dan is er ook nog de vriendin van Keating (Tamar van den Dop) die hunkert naar dankbaarheid, en zijn moeder die hem op een voetstuk plaatst en alles doet om hem daar te laten. De rollen zijn helder. Zij vertegenwoordigen allen een stem in de discussie die Rand aanwakkert in The Fountainhead: Is het goed om egoïstisch te zijn?

Bloot

Hoe sterk Roark ook aan zijn eigen idealen vast blijft houden, toch valt hij voor de geheimzinnige Dominique Francon. Gespeeld door Halina Reijn die overtuigt in haar innerlijke strijd om te kiezen voor liefhebben. Een schreeuwende Reijn blijft uit, geen moment is de actrice te zien. Haar spel is eerlijk en oprecht. Ze laat de eigenaardige standpunten van Francon kloppen. Ze trouwt met Keating, maar laat zich uiteindelijk veroveren door Roark. Ook de seksscènes worden eerst secuur gefilmd, later blijven de lampen tijdens een vrijpartij tussen Roark en Francon aan. Niet noodzakelijk. Uitermate sterk zijn de bedscènes die het misschien ongemakkelijke gevoel bij enkelingen direct wegnemen. Scherp, eerlijk en open. Misschien dat daarom de acteurs zich ook letterlijk moesten blootstellen?

In het tweede deel wordt Gail Wynand geïntroduceerd (Hans Kesting), eigenaar van de meest invloedrijke krant van New York. In tegenstelling tot Roark, doet hij juist precies wat de lezer van hem vraagt. Hij schrijft van zij willen horen en vult daar zijn zakken mee. Hij maakte Keating groot en Roark kapot. Ook hij valt voor de mysterieuze Francon. Zij wakkert de liefde voor hemzelf weer aan. ‘Alleen mijn liefde voor jou is belangrijk, jouw antwoord niet.’ Daarmee lijkt Francon een object te worden van ieders eigen mislukte pogingen naar ultiem geluk. Keating gebruikt haar om zich op te werken in de architectenwereld, Wynand probeert lief te hebben en dat vast te houden en dan Roark. Ook hij neemt haar omdat hij dat wil, niet om samen iets op te bouwen. Dit zal Rand toejuichen, want jezelf liefhebben is voor haar het allerbelangrijkste.

Schatkamer

Van Hove kiest in het tweede deel voor een meer filosofische benadering en een abstractere uitleg. Toch blijven de personages overeind en komen nu werkelijk tegenover elkaar te staan. Het spannendst is dit tussen Roark en Wynand. De mediamagnaat die bewust koos om Roark kapot te maken, ziet opeens de schoonheid van Roarks ontwerpen in. Hij vraagt uitgerekend hem een schatkamer te maken voor dat wat hij het meeste begeert en niet kwijt wil raken: Francon.

Waar eerst de dialogen nog de boventoon voerden, zijn dat nu gedachtespinsels en overredingen van de personages zelf. De teksten zijn waanzinnig, zowel letterlijk als figuurlijk.  De live muziek van Eric Sleichim geven het verhaal een filmisch karakter wat extra wordt ondersteund door de juiste inzet van de live projecties.

Het grote podium van de Rabozaal wordt volledig benut, maar toch weet Van Hove hier intimiteit in te vinden. Tijdens het zien, rijst de vraag waarom juist Ivo van Hove voor The Fountainhead koos. Is dit een antwoord op de kritieken die hij zelf kreeg?

De slotmonoloog is adembenemend. Het wordt bijna echt. Als de voorstelling klaar lijkt, valt het stil. De acteurs vragen niet om applaus maar blijven stil. Totdat Bart Slegers Roark als schuldige van onze maatschappij aanwijst en Nasr zich briljant nader verklaart. Terwijl Roark zijn visie als volkomen helder schetst, blijft het publiek in het ongewisse. Een logisch klinkende visie gaat tegen onze geconditioneerde gevoelens in. The Fountaindhead hoort thuis is het rijtje van de Van Hove’s meesterwerken.

Tekst: Inge Schouten

Foto: Jan Versweyveld

Gezien: 27 augustus, Stadsschouwburg Amsterdam

Lees ook:We zijn klaar voor Ayn Rand
Lees ook:Filmdebuut Ivo van Hove
Lees ook:Verstikkende moederliefde en jeugdtrauma´s
Lees ook:Ivo van Hove opnieuw naar New York
Lees ook:Eredoctoraat voor Van Hove en Cassiers

Geen reacties // Reageer