Kinderen zijn onze ondergang

Een komedie over beschaafde mensen. De God van de Slachting. Een harde, felle titel voor een komedie. Toch vanaf de eerste minuut al te begrijpen. Vriendelijke woorden met een keiharde ondertoon. In een bijna neurotisch decor brengt regisseur Albert Lubbers twee echtparen samen. Hun zoons hebben ruzie gehad en de ouders proberen dit op te lossen. De hele voorstelling wacht je op het woord ‘sorry’. Maar uiteindelijk wordt duidelijk dat dat woord niet eens in het script voorkomt.

Vanaf de hoge tribune kijken we letterlijk binnen bij het stel Michel en Veronique (Reinout Bussemaker en Roos Ouwehand) dat zich opmaakt voor het bezoek van de keurige Alain en Annette (Marcel Hensema en Tjitske Reidinga). Zodra de vier personages samen op de vloer komen, is het oorlog. Geen enkel woord is gemeend en cynisme lijkt het thema van de voorstelling. Schrijfster Yasmina Reza toont met haar scherpe dialogen de waarheid en als toeschouwer weet je dat donders goed. We blijven aardig, want dat hoort zo, maar wat bereik je ermee? In ieder geval geen ‘sorry’.

‘Kinderen zijn onze ondergang’, jammert Michel. Nee. Zij brengen de voorstelling juist naar een hoger niveau. De eigen tragiek van ieder personage wordt door de samenkomst wakkergeschud. Er wordt gevochten, de kampen wisselen. Met wie ben ik het sterkst? Het wonderlijke is dat het klopt. Na veel aangestoken lontjes, die steeds korter worden, ontploft uiteindelijk de bom. Kotsende, scheldende en dronken mensen blijven er over. Alleen. Je wilt ze allemaal helpen, steunen, want je begrijpt ze zo goed.

Door de luchtige manier van spelen, komt de boodschap van Reza onbewust bij iedereen aan. De spelers hebben een goed contact met het publiek, ze spelen met een heerlijk tempo en laten weinig witjes ontstaan. Daardoor zijn de weinige stiltes prachtig, die verhogen de spanning juist. De bal wordt hooggehouden en de kijker blijft zich verbazen. Niets is voorspelbaar, terwijl de situatie zo herkenbaar is. De perfect getimede one-liners van Tjitske Reidinga laten de zaal regelmatig lachen.

Anderhalf uur lang blijf je geboeid. Dat is knap voor een komedie, aangezien de teksten gevaarlijk op overacting aansturen. Hier is dat niet het geval en dat maakt het stuk zo echt. We lachen niet omdat het gezellig is, integendeel. Lachen is een ontlading van de gespannen sfeer in de hele ruimte. De personages zijn niet relaxt en dat voel je. Ze doen zo hun best om aardig en cool over te komen, maar redden het net niet.

Vanaf het begin van de voorstelling, voel je je als toeschouwer ongemakkelijk. Plaatsvervangende schaamte, je kent het. Ruziënde mensen, terwijl jij bij hen op visite bent. Een man die vergroeid is met zijn telefoon, terwijl jij op visite bent. Visite hoort gezellig te zijn. Veel plezier.

God van de Slachting van Theatergroep Suburbia speelt tot en met 18 april 2009 in de Nederlandse theaters. Binnenkort lees je op Toneel.blog een interview met actrice Roos Ouwehand.

Tekst: Inge Schouten – Foto’s: Marieke Wijntjes

Lees ook:Carice heeft eigen boek
Lees ook:Lies Visschedijk als sympathieke egoïst
Lees ook:Silo8 ook in 2011 te zien
Lees ook:Roos Ouwehand vindt iedereen vreselijk!
Lees ook:Speciale toneelkrant in Eindhoven

Geen reacties // Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>