Hij vreet theater…

Mart-Jan Zegers regisseert, geeft les en is dramaturg. ‘Ik wil alles leren wat met theater te maken heeft.’ Dat lukt hem al aardig. Onlangs heeft hij het boek ‘Theatermaken’ geschreven, waarin hij verbanden zoekt tussen de praktijk en theorie van het complexe vak. Voor velen is het nog onduidelijk wat een dramaturg precies is en doet. Vandaar dat Inge Schouten hem uithoorde, in de lentezon, op het bruisende Leidseplein in Amsterdam.

‘Een dramaturg begeleidt het theatraal maakproces. Het is een creatief persoon die het stuk stimuleert en reflecteert.’ Een regisseur kan, als hij dat nodig vindt, een dramaturg inschakelen. Samen bespreken zij alles wat met de voorstelling te maken heeft. Welke stuk wordt gespeeld? Op welk publiek is het gericht? ‘Het is gebruikelijk dat je niet tegen de regisseur in gaat. Ik heb hier ook nooit behoefte aan gehad. Het is vooral belangrijk dat je blijft communiceren.’ Door zijn boek ‘Theatermaken’ hoopt Mart-Jan dat deze communicatie vlotter verloopt. Tijdens de repetitieperiode komen regisseur en dramaturg vaak samen en bespreken zij het proces. ‘Hierdoor kan een dramaturg zo nodig bijsturen. Door het repetitieproces te volgen, blijf je van alles op de hoogte en kun je zien of er iets met het advies gedaan wordt.’ Met het stimuleren en reflecteren wordt dus de begeleidende rol van de dramaturg bedoeld.

Als dramaturg ben je eigenlijk de eerste toeschouwer. ‘Het is de taak van de dramaturg om te kijken of alles klopt.’ Geen makkelijke opgave dus. Mart-Jan heeft Theaterwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam gestudeerd. Dat is geen beroepsopleiding voor dramaturg. ‘Door veel ervaring en samenwerkingsverbanden, groei je als dramaturg.’ Als we hem vragen wat een goede dramaturg zeker in huis moet hebben, geeft hij direct antwoord. Alsof het is afgesproken. ‘Je moet rustig kunnen blijven, beschouwen, reflecteren, processen herkennen en beschrijven. Dit kan alleen als je objectief blijft kijken.’ Dus een dramaturg is iemand die observeert en analyseer? ‘Je moet niet vergeten dat die analyse niet passief, maar actief wordt, doordat hij adviezen geeft’, aldus de scherpe Mart-Jan.

Dramaturgie moet niet opzichtig zijn
Betekent dat door de vele analyses, de adviezen altijd goed zijn? ‘De voorstelling lijkt vaak prachtig’, lacht Mart-Jan, ‘maar inhoudelijk kan het vaak veel beter. Als een stuk slecht is, is dat ook de verantwoordelijkheid van de dramaturg, van mij dus. Het mooie van het vak is dat goede dramaturgie niet opvalt. Als tegenwoordig een voorstelling bijvoorbeeld te intellectueel is, krijgt de dramaturg de schuld. Dit hoort eigenlijk niet eens zichtbaar te zijn. Als de dramaturgie niet opzichtig is, is het juist aanwezig.’

Naast dramaturg is Mart-Jan Zegers ook regisseur. ‘Het verschil is dat een regisseur heel direct en concreet werkt. Hij neemt alle beslissingen en stuurt het hele proces aan. Een regisseur moet bijvoorbeeld ook met de vormgever praten over het decor. Dit in tegenstelling tot een dramaturg die alleen adviezen geeft.’ De duizendpoot werkt veel met studenten of semiprofessionals en geniet daar met volle teugen van. ‘Regisseren bij een groot en bekend gezelschap lijkt me erg stressvol. Zij hebben natuurlijk een reputatie hoog te houden en worden veel meer beoordeeld.’ Sommige mensen kunnen beter presteren onder druk. Mart-Jan niet. ‘Stress vind ik heel vervelend. Ik wil graag de tijd nemen om alles goed uit te zoeken.’ De ondernemende Zegers houdt daarbij ook van een uitdaging. Hij maakt namelijk liever zelf een nieuw stuk, dan iets uit een repertoire. ‘Dan heb je altijd iets om op terug te vallen en dan is de uitdaging minder dan als je iets totaal nieuws begint.’

Toch is dat makkelijker gezegd dan gedaan. In de jaren 80 en 90 was er veel ruimte voor jonge makers en dus ook voor experimenteel theater. Tegenwoordig moet je al heel snel aangeven wat je precies wilt. Er is in het verleden veel experimenteel toneel geweest,  waardoor veel mensen nu weer terug willen naar de kern. ‘Toneelgroep Amsterdam heeft bijvoorbeeld een heel eigen stijl en daarbij een heel duidelijke boodschap. De stukken zijn erg toegankelijk. Het is voor jonge makers moeilijk om zich te onderscheiden aangezien het experimentele vlak recht tegenover de commerciële vlak staat.

Theater moet iets teweeg brengen
‘Ik vind dat theater altijd iets teweeg moet brengen. Dit kan geraaktheid, emotioneel inzicht of verruiming van de geest zijn. Jammer is dat niet alle regisseurs dit beseffen. Vele makers denken: ‘Ach ik doe weer een Medea, dat werkt altijd.’ Het moet echter wel duidelijk zijn waarom je dan voor dat stuk kiest. Waarom speel je het? De kern moet duidelijk zijn. Gaat het om het verhaal of om de tekst? Waarom wil Medea haar kinderen vermoorden? Ik wil haar drijfveren en achtergrond op het toneel zien. Het is heel complex, maar het moet een belevenis worden ter plekke bij de voorstelling.’ Het is duidelijk dat er voor Mart-Jan altijd een noodzaak is om te praten over zijn geliefde vak. ‘Er moet vooral een heldere noodzaak zijn om een verhaal op de planken te zetten.’ Met de eerste lentestralen in het gezicht, gaat Mart-Jan nog even langs de ‘Theatrebookshop’. Hij krijgt er geen genoeg van. Hij vreet theater.

Tekst: Inge Schouten

Lees ook:Het fenomeen dat volkstuinen heet
Lees ook:Praten met Jesus
Lees ook:Iemand moet het doen
Lees ook:Huub Stapel haalt het uit zichzelf
Lees ook:Genomineerden Nederlands Theaterfestival

Geen reacties // Reageer

0 thoughts on “Hij vreet theater…

  1. Pingback: Theatermaken, pragmatische theorieën | Anouk Smit

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>